1. Voorbereiding

1.1 Apparatuur verzamelen
  • Brouwketel (20–30 liter voor hobbybrouwers)
  • Roerspaan
  • Filterkuip / hevelfilter
  • Gistvat met waterslot
  • Hydrometer of refractometer
  • Thermometer
  • Schoonmaak- en desinfectiemiddelen
  • Flessen + bottelapparatuur
1.2 Grondstoffen kiezen
  • Mout (gerst, tarwe, etc.)
  • Water (kwaliteit is belangrijk!)
  • Hop (bitterhop, aromahop)
  • Gist (ale, lager, speciale stammen)

2. Schroten van de mout

  • Breek de moutkorrels open in een schrootmolen.
  • Doel: kaf intact houden, binnenkant gebroken.
  • Te fijn → risico op filterproblemen.
  • Te grof → lagere opbrengst aan suikers.

3. Maischen

Maischen = mout + water verwarmen om suikers, eiwitten en smaakstoffen vrij te maken.

3.1 Maischwater verwarmen
  • Typisch 3 liter water per kg mout.
  • Begin rond 50–55°C.
3.2 Maischstappen (afhankelijk van biersoort)

Een klassiek schema:

  1. 45–55°C (eiwitrust) — optioneel
  2. 62–65°C (β-amylase) — vergistbare suikers → droger bier
  3. 68–72°C (α-amylase) — onvergistbare suikers → voller bier
  4. 78°C (maischuitstap) — enzymen deactiveren
3.3 Tijdsduur
  • Elke stap 20–30 minuten
  • Totaal ± 60–90 minuten

4. Filteren en spoelen (Lauteren)

4.1 Filteren
  • Scheid de vloeistof (wort) van de bostel (restmout).
  • Hevel langzaam terugstroom totdat het helder is.
4.2 Spoelen
  • Voeg 78°C water toe over de bostel.
  • Dit onttrekt resterende suikers.
  • Stop wanneer je genoeg wort hebt of het SG te laag wordt.

5. Koken van de wort

Duur: 60–90 minuten, afhankelijk van recept.

5.1 Doelen van het koken
  • Steriliseren van de wort
  • Bitterheid uit hop extraheren
  • Ongewenste vluchtige stoffen verwijderen
  • Conservering en kleurbeïnvloeding
5.2 Hopgiften

Meestal drie types:

  • Bitterhop: begin van de kook
  • Smaakhop: laatste 15–20 min
  • Aromahop: laatste 5 min of flame-out
5.3 Overige toevoegingen
  • Klaringsmiddelen (bijv. Iers mos)
  • Suiker of siroop (voor bepaalde stijlen)

6. Koelen

  • Wort na het koken snel koelen naar gisttemperatuur.
  • Methoden:
    • Dompelkoeler
    • Plaatkoeler
    • IJsbaden
Waarom snel?
  • Minimaliseert infecties
  • Bevordert koudebreuk → helderder bier

7. Vergisten

7.1 In het gistvat
  • Hevel de gekoelde wort over in een schoon, gedesinfecteerd gistvat.
  • Voeg de gist toe (rehydrateren indien nodig).
7.2 Temperatuur
  • Ales: 18–22°C
  • Lagers: 8–12°C
7.3 Duur
  • Hoofdgisting: 4–7 dagen
  • Nagisting: 1–2 weken
7.4 Metingen
  • Meet begin-SG (OG)
  • Meet eind-SG (FG)
  • Stabiliteit van SG = einde van gisting

8. Lageren (optioneel maar aanbevolen)

  • Laat het bier 1–4 weken rusten op lagere temperatuur (1–5°C lager dan gisttemp).
  • Doel:
    • Helderder bier
    • Rondere smaak
    • Minder gistrestanten

9. Bottelen

9.1 Voorbereiden
  • Ontsmet flessen en kronen.
  • Voeg bottelsuiker toe om koolzuur te ontwikkelen.
9.2 Hoeveel suiker?
  • Meestal 5–8 gram per liter
  • Afhankelijk van bierstijl
9.3 Bottelen
  • Hevel bier in bottelvat, meng bottelsuiker gelijkmatig, vul flessen.

10. Hervergisting en rijping

  • Zet de flessen 1–2 weken op 18–22°C voor koolzuurvorming.
  • Dan 2–6 weken koeler wegzetten voor smaakontwikkeling.

11. Proeven!

  • Schenk langzaam om gist op de bodem te laten zitten.
  • Noteer smaak, aroma, helderheid, body en verbeterpunten.